Tom rijdt graag in Otegem waar de cross voor een echte volkstoeloop zorgt. Dat was dit jaar niet anders. De omloop lag er loodzwaar bij met heel wat modderige passages. Tom startte niet al te best maar wist nog in de eerste ronde op te rukken naar een tiende plaats. Hij sloot even later aan bij Niels Albert en bleef tot halfkoers in het gezelschap van de kersverse Belgische kampioen. Nadien wist hij wat afstand te nemen en naar een negende plaats te fietsen. Tom had vandaag wel veel last van zijn blessures en trekt zo snel mogelijk naar de dokter voor een onderzoek.
Hoewel Tom erg naar deze wedstrijd had uitgekeken, was alles voorbij nog voor het goed en wel begon. Na amper 300 meter wedstrijd raakte hij het wiel van zijn voorganger zodat hij werd weggekatapulteerd in de dranghekken. De renners achter hem reden over zijn fiets en lieten er haast niets meer van heel: remgreep gebroken, wiel kapot en derailleur in het wiel. Zelf was hij hard geraakt aan de schouder, elleboog en knie. Tom nam zijn fiets op de schouder en liep een heel eind tot de materiaalpost waar hij op grote achterstand een nieuwe fiets aannam. In tegenstelling tot andere protagonisten weigerde hij echter de handdoek te gooien en reed hij de wedstrijd verder uit. Na ruim een uur fietsen kwam hij diep ontgoocheld als twaalfde over de meet.
Tom startte rond de twintigste positie, maar viel in de tweede ronde waardoor zijn handen in het ijskoude water en slijk werden ondergedompeld. Hij had geen andere keuze dan zijn handschoenen weg te werpen. Wanneer hij later nog een tweede keer over de grond gleed, verdwenen zijn handen opnieuw in de blubber. Vanaf dan was het op de tanden bijten want in een mum van tijd verdween al het gevoel uit zijn handen door de kou. Schakelen en sturen werden steeds moeilijker. Toch reed Tom een aardige wedstrijd en eindigde op een veertiende plaats.
Het was vandaag erg koud in Baal. Hoewel de ondergrond op vele plaatsen nog steenhard was, had er zich bovenop een laagje ijswater gevormd. Het opspattende water zorgde voor onderkoelde renners. Na een matige start kon Tom in de beginfase wat opschuiven. Tom streed lange tijd voor een plaats bij de eerste twintig tot hij in een afdaling uit balans raakte. Ondanks een buiklanding in het ijswater bleef Tom gespaard van onderkoeling. Het zorgde wel voor een inpact op de borstkas en ademhalingsmoeilijkheden. Tom reed de wedstrijd verder uit en werd 20ste.
Het parkoers lag er zeer zwaar bij met hier en daar modderige en ontdooide stroken in het veld. Tom werd bij de start opgehouden door een valpartij van Gerben De Knegt. Hij wist zelf net recht te blijven maar draaide toch bij de laatste renners het veld in. Hij maakte meteen heel wat posities goed, maar werd dan te voet gesteld met een afgelopen ketting. Omdat de ketting vastzat, kostte het Tom heel wat moeite om ze er terug op te leggen. Intussen was haast iedereen gepasseerd en kwam hij in de eerste materiaalpost door in 60ste positie. Hij begon aan een onmogelijke inhaalrace en raakte uiteindelijk nog tot een 35ste plaats. Tom was hoe dan ook ontgoocheld en past voor de cross van Bredene.
Crossen in het donker is en blijft iets apart. Zeker dit jaar wanneer het parkoers bedekt lag onder een gladde laag sneeuw en ijs. Tom ging aanvankelijk goed van start maar schoof na een halve ronde onderuit waardoor zijn fiets in een lint verstrikkeld raakte. Hij verloor er naast enkele plaatsen en tijd ook het goede gevoel door. Toch probeerde hij zich opnieuw naar voor te knokken. Tot hij in een gladde bocht ten val kwam en daarbij zijn knie fel bezeerde. Tom moest even bekomen van de schok en zette nadien rustig zijn weg verder. Het voorval had hem wel tot ver in de achtergrond teruggeslagen. In de slotronde wist Tom nog heel wat goed te maken, maar meer dan een 26ste plaats was niet meer mogelijk.
Afgelopen nacht had het fel geregend in de Spaanse stad zodat de snelle omloop in het stadspark was veranderd in een grote modderpoel. Tom startte goed en zat van bij de start in de kopgroep. Halfweg wedstrijd reed hij na de materiaalpost lek waardoor hij op achtervolgen was aangewezen. Hij dichtte de kloof met de koplopers en reed er vervolgens van weg om solo naar zijn eerste seizoenszege te fietsen. Winnen deed enorm deugd, net als de appreciatie van de plaatselijke bevolking.
Tom had afgelopen nacht wat last van darmklachten en buikloop. Toch besloot hij vandaag naar Overijse te trekken omdat hij aanwezig wou zijn op één van de mooiste crossen van het jaar. Tom kende wederom een slechte start. Op de Tenotsberg raakte hij ingesloten zodat hij achteraan het deelnemersveld aan de eerste afdaling begon. In de tweede ronde haakte hij in elkaar met Bossuyt zodat hij de gewonnen posities opnieuw verloor. Tom bleef gedurende de hele wedstrijd rond dezelfde positie fietsen. Hij miste kracht in de benen en had last van de darmen. In die mate dat hij zich na de aankomst naar de teamcamper moest haasten om het toilet op te zoeken. In deze omstandigheden kon hij met zijn achttiende plek nog best vrede nemen.
De omloop lag er redelijk modderig bij, maar toch waren bepaalde stroken in de weide nog vrij hard door de vorst in de grond. Tom moest achteraan starten en wist zich niet naar voren te wringen in de eerste honderden meters. Hij draaide als voorlaatste het bos in. Hij kon meteen wat posities opschuiven maar miste de aansluiting met een omvangrijke groep voor hem. Daardoor viel hij alleen in de achtervolging. Nagenoeg de hele wedstrijd zou hij alleen blijven fietsen, tevergeefs zoekend naar het goede gevoel. Dat vond hij vandaag niet en dus was hij maar al te blij dat de wedstrijd er na acht ronden op zat. Tom eindigde negentiende.
De winterprik hield ook het kleine Luxemburg in zijn macht. Want de omloop in Leudelange lag bedekt onder een wit sneeuwtapijt. Lars Boom ging furieus van start en reed na enkele honderden meters al alleen op kop om later te soleren naar winst. Na één ronde waren er al aanzienlijke verschillen. Tom passeerde de finishlijn in zesde positie. Hij rukte later in de wedstrijd nog op naar de derde stek maar moest nadien Page laten voorgaan. Zo kwam hij na een uur als vierde over de eindstreep.
De negatieve temperaturen hadden ervoor gezorgd dat de omloop in Gieten er hard en glad bij lag. Tom ging niet super van start en moest van bij het begin achtervolgen. Hij dook al snel de top twintig binnen en volgde niet ver achter een groepje met Zdenek Stybar. Het hoge tempo maakte het echter moeilijk om veel tijd goed te maken. Toch wist Tom in de slotronde nog aansluiting te maken bij het groepje en enkele renners te passeren. Zo sprintte hij zich nog naar een vijftiende plaats. Tom hield vandaag rondenlang hetzelfde tempo aan als het groepje dat uiteindelijk sprintte voor de vijfde plaats. Daarom was het wel spijtig dat Tom opnieuw een mindere start kende en de kloof met dit groepje al in de eerste twee ronden kreeg aangesmeerd. In het andere geval had er nog een dichtere ereplaats ingezeten. Toch was Tom best tevreden met dit resultaat want deze harde en snelle omstandigheden liggen hem minder goed.
Het is voor het eerst dat Tom de cross van Gavere in deze omstandigheden afwerkte. Nergens op de omloop moesten de renners van de fiets wat toch helemaal on-Gavere is. Tom ging aanvankelijk vrij goed van start maar raakte in de beginfase reeds betrokken in een valpartij zodat hij zijn goede uitgangspositie opnieuw verloor. Hij maakte nadien nog goed progressie en wist in het gezelschap van Gadret heel wat renners te passeren. Hij wilde zijn achterstand misschien iets te snel goedmaken waardoor hij in de laatste ronden een beetje gas moest terug nemen. Zo werd hij opnieuw zeventiende. Een plaats waar Tom al vrij vaak eindigde wat hem dan ook ontgoochelde. Anderzijds presteerde hij in Gavere nog nooit zo goed als dit jaar. Volgende week proberen we opnieuw in Gieten.
Tom miste zijn pedaal in de start waardoor hij helemaal achterin de eerste bocht nam. Daar werd hij meteen opnieuw tot stilstand gedwongen door de valpartij van Klaas Vantornout. Op die manier bereikte hij uiteindelijk als laatste de eerste veldstroken. Dat was absoluut niet ideaal aangezien het quasi onmogelijk was om nog terug te keren op de snelle en technische omloop. Tom wist uiteindelijk nog heel wat renners terug te pakken en streed voor de zeventiende plaats. De kloof met de zestiende was reeds in de beginfase van de wedstrijd gevormd en het was onmogelijk geworden die nog te dichten. In een sprint moest Tom Gil (bij de eerste tien van start gegaan) nog voorlaten zodat hij als achttiende eindigde. Hij reed een sterke wedstrijd, maar zag door een mislukte start zijn kansen verloren gaan.
Bij het inrijden van het veld onstond er een massale valpartij. Tom moest voet aan grond zetten en een tijdje wachten vooraleer de file voor hem opnieuw op gang kwam. Hij wist in de zware weides een goed looptempo aan te houden zodat hij elke ronde wel enkele posities winst boekte. Op twee ronden van het einde streed hij met Van Compernolle en Al voor de twaalfde plek. Tot Al zich in de zandbak tot drie keer toe vastreed. Daardoor wisten enkele renners uit de achtergrond terug te komen. Tom ging even later tot twee keer toe onderuit en verloor wederom tijd. Uiteindelijk werd hij ontgoocheld zeventiende.
Tom dook rond de vijftiende positie het veld in. Terwijl vooraan drie renners aan de haal gingen, wist Tom in de derde ronde beslag te leggen op de vierde plaats. Ronde na ronde wist hij op een van de zware passages afstand te nemen van zijn gezellen, maar die wisten de kloof telkens weer te dichten door de balken al rijdende te nemen. In de slotronde werd Tom tot wel vijf keer toe opgehouden door Page. Hij zakte terug tot de achtste posite maar wist na een langgerekte sprint nog op te rukken tot de zesde plaats.
Een stormachtige wind en onophoudelijke regen hielden het traditionele zware en modderige parkoers van Niel in stand. Tom ging niet al te best van start en koos er in de weide al snel voor om de fiets op de schouder te gooien. Op die manier wist hij zich stelselmatig naar voor te werken. Halfkoers reed hij in dertiende stelling. Tot zijn remmen dienst weigerden en Tom niet tijdig kon stoppen om een brugje op te draaien. Hij reed de brug voorbij en moest op die manier een extra lusje maken. Hij verloor enkele posities en werd uiteindelijk nog vijftiende.
Net als vorige week op de Koppenberg, kregen we in Ronse een parkoers met heel wat klim- en loopwerk. Vanop de Hotondeberg hadden de toeschouwers een prachtig zicht over de hele omloop. Tom startte rond de dertiende positie en schoof in de eerste ronden
een beetje op. Vanaf de derde ronde openden de hemelsluizen. De koude regen toverde de weide in een mum van tijd om in een
zeepveld. Tom raakte gaandeweg een beetje bevangen door de koude. Daar waar Wellens en Vantornout warmere oorden opzochten, bleef Tom zijn weg verderzetten. Uiteindelijk zou het resulteren in een zevende plek. Slechts negen renners haalden de eindstreep. Dat zijn voldoende argumenten om te besluiten dat deze wedstrijd in Ronse een zware brok was. Volgende donderdag rijdt Tom in Niel.
Het parkoers van de Koppenberg lag er dit jaar verschrikkelijk zwaar bij. Alleen al het feit dat we slechts zeven ronden dienden af te leggen is daar getuige van. Tom startte
niet onaardig en kwam na een ronde in twintigste positie voorbij de aankomst. Hij begon vervolgens aan zijn gebruikelijke inhaalrace en wist halfweg wedstrijd in vijftiende stelling
door te komen. In de voorlaatste ronde kwam Tom tot bij Bart Aernouts in wiens gezelschap hij de slotronde aanvatte. In de afdaling na de kassei ging hij over de kop zodat hij
Aernouts moest laten gaan. Hij wist zijn positie wel nog te behouden. In de laatste weide kwam hij nog sterk opzetten om Rob Peeters bij te halen maar daarvoor bleek de wedstrijd
net iets te kort. Tom kwam als twaalfde over de meet en was zeer blij met dit resultaat in misschien wel de zwaarste Koppenbergeditie aller tijden.
Aan het einde van vorig seizoen brak Tom in de put van Zonhoven zijn sleutelbeen zodat zijn seizoen er vroegtijdig op zat. Hij trok dan ook niet bepaald met een gerust
gemoed naar zijn 'zwarte beest'. Dat werd meteen duidelijk wanneer hij zijn start volledig miste en pas als voorlaatste aan de materiaalpost passeerde. Na een tweetal
ronden won hij terug wat aan vertrouwen zodat hij steeds meer renners begon op te rapen. Na driekwart koers dook hij de toptwintig in en in de slotronde lag zelfs de strijd voor de vijftiende plaats nog open. Dat haalde hij net niet zodat hij als zeventiende over de streep bolde. Spijtig dat Tom zo slecht van start ging want hier had wel meer in
gezeten. Toch was Tom vooral opgelucht dat hij zonder kleerscheuren het einde haalde. Morgen wacht de Koppenberg.
Het was al pikdonker wanneer om 21u45 het startsein weerklonk. Tom startte rond de vijftiende positie en wist zich goed hand te haven in de eerste rondes. Stelselmatig kon hij enkele posities goedmaken zodat hij halfweg wedstrijd in vijfde positie doorkwam. Op het moment waarop hij de aansluiting zou maken met het kwartet dat aan de leiding ging, schoof Tom onderuit en verloor enkele seconden. Hij probeerde nadien de kloof opnieuw te dichten, maar bleef op dezelfde afstand hangen. De rest van de wedstrijd reed hij alleen zodat hij aan het eind de vijfde plaats nam. Volgend weekend wacht de dubbel Zonhoven - Koppenberg.
De wereldbeker in Pilzen weerhield Steve Chainel niet om in Luxemburg de zege te grijpen. Oftewel... ook de kleinere wedstrijden op de crosskalender kunnen een sterk deelnemersveld voorleggen zodat de gigantische uci-puntenkloof tussen de wereldbeker en dit soort crossen steeds meer wenkbrauwen doet fronsen. Tom kende voor de start reeds remproblemen die zijn vertrouwen in de afdalingen wat
ondermijnden. Het zorgde voor extra zenuwen zodat hij tijdens de wedstrijd tevergeefs naar het goede gevoel zocht. Hij rukte in de slotfase wel nog op naar het groepje dat voor de zesde plaats in aanmerking kwam. Toch kwam hij aan het eind niet verder dan de tiende stek. Tom was dan ook ontgoocheld. Dinsdag rijdt hij in Woerden.
Rond een zeventiende positie vatte Tom de eerste veldstroken aan. Na twee ronden achtervolging wist Tom de sprong naar de omvangrijke kopgroep te maken. Hij schoof meteen enkele posities op maar raakte dan betrokken bij een valpartij met onder andere Philip Walsleben en Marco Bianco. Hij verloor kostbare tijd, maar begon aan een nieuwe achtervolging. Enkele ronden later wist hij de kloof met de kopgroep opnieuw te dichten. Tot hij net voorbij de materiaalpost kreeg af te rekenen met een lekke tube. Het was nog een heel eind rijden vooraleer hij een nieuwe fiets kon nemen zodat hij opnieuw veel tijd en plaatsen verloor. De rest van de wedstrijd legde hij solo af zodat hij als zestiende eindigde. Dit was echt wel bitter, want Tom reed sterk en leek goed op weg om een stek in de toptien te grijpen.
Vanop de zesde startrij wist Tom in de eerste hectometers enkele posities op te schuiven, maar bij het indraaien van de eerste veldstroken werd hij abrupt tot stilstand gedwongen. Een valpartij en de daaropvolgende opstopping zorgde voor een immense chaos. Met enige vertraging kon hij dan zijn wedstrijd beginnen. Op het technische parkoers raakte hij echter niet goed in zijn ritme. Opschuiven was met het vele bochtenwerk niet gemakkelijk zodat hij de hele wedstrijd in de buurt van de twintigste positie bleef hangen. Uiteindelijk spurtte hij naar de 22ste plaats. Volgende donderdag start Tom in Ardooie.
Wederom raakte Tom niet goed uit de startblokken zodat hij de eerste hindernissen pas rond de 35ste positie kon aanvatten. Door de warme temperaturen kwam hij niet meteen in een goed ritme. Vanaf de tweede ronde begon hij aan een opmars naar voor. Ronde na ronde maakte hij enkele posities goed zodat hij in de finale van de wedstrijd op een zeer lastige omloop de strijd aanging voor een vijftiende positie. In de slotronde moest hij de inspanningen van zijn lange achtervolging wat bekopen en maakte enkele stuurfoutjes waardoor hij de aansluiting met Denuwelaere en Field verloor. Uiteindelijk liep Tom alleen binnen op een zestiende plaats. Een mooie koers, maar zonder die slechte start had het wel enkele plaatsen beter kunnen zijn. Op naar volgende week, Ruddervoorde!
Tom kon de korte startstrook pas aanvatten vanop de zesde startrij en passeerde de eerste ronde in vijftigste positie. Bovendien kwam hij in de eerste zandbak in
aanraking met een andere renner waardoor hij over de kop ging. Toch begon Tom aan een helse achtervolging waarbij hij elke ronde enkele renners wist te passeren,
hoewel het parkoers zich daar nauwelijks toe verleende. In de slotronde was hij teruggekomen tot de negentiende positie wanneer in een afdaling de ketting eraf liep.
Hij kreeg het euvel niet meteen hersteld zodat hij een vijftigtal meter moest lopen tot de materiaalpost. Hij verloor op die manier opnieuw enkele posities en eindigde
zijn koers als 22ste. Tom was erg teleurgesteld want met een betere start zat hier veel meer in. Volgende week probeert hij opnieuw in Namen.
Enkele hevige regenbuien zorgden ervoor dat de omloop zwaar bolde. Voeg daar de forse wind aan toe en we kregen meteen een lastige wedstrijd. Vanop de derde startrij wist Tom zich meteen naar een tiende positie te manoevreren. Na enkele ronden ontstond er een ruime kopgroep van waaruit iets na halfkoers een trio zou wegrijden met Vanthourenhout, Simunek en Van Leeuwen. Even later was Tom de enige die de sprong naar voor nog wist te maken. In de voorlaatste ronde moest Simunek passen. In de slotronde ontbond Vanthourenhout zijn duivels en soleerde naar winst. Tom wist in de slotfase nog voorbij Van Leeuwen te geraken en eindigde knap als tweede.
Vanop de vijfde startrij trok Tom zich op gang om zijn eerste crossuur van het nieuwe seizoen vol te maken op het aantrekkelijke, maar lastige parkoers van Erpe-Mere. Hij passeerde de eerste materiaalbox rond de 35ste positie en werd in de openingsronden enkele keren opgehouden door een valpartij. Na een kwartier wedstrijd kreeg hij wat meer ruimte en begon aan een lange inhaalrace. Ronde na ronde maakte hij enkele posities goed om zo op een halve ronde van het einde aansluiting te maken bij het duo Jim Aernouts - Rob Peeters dat streed voor de twaalfde plaats. Na een kleine stuurfout verloor hij enkele lengtes die hij in de laatste hectometers niet meer kon dichten. Zo eindigde hij als veertiende. Volgende week staat Tom voor de dubbel Harderwijk-Neerpelt.
Ook vandaag verliep de start niet gewenst op dit spectaculaire zandparkoers. Toch kon ik in de beginfase
wat goedmaken en naderde ik op een ruime groep met de veertiende plaats als inzet. De aansluiting zou
er uiteindelijk nooit komen. Iets na halfkoers verloor ik de controle over het stuur bij een van de steile
afdalingen in het zand. Ik werd van de fiets gekatapulteerd en kwam wat verder onzacht op mijn schouder
terecht. De hulpdiensten waren snel ter plaatse, maar ik had enkel interesse in mijn fiets. Ik heb in mijn
hele carriere nog nooit opgegeven in een wedstrijd en hoewel mijn schouder me felle pijn bezorgde, was ik
dat ook dit keer niet van plan. Het omhoog klimmen in het zand was een ware hel aangezien ik mijn fiets niet
meer op de schouder kon nemen. Vrijwel het hele parkoers diende ik af te leggen met slechts een hand aan
het stuur omdat ik de schokken niet meer kon verdragen. De lijdensweg duurde nog drie en halve ronden. Op
grote achterstand van winnaar Nys bereikte ik als 27ste de finish met een pijnlijke grimas, beseffend dat
hier mijn seizoen stopt.
Vanop de laatste startrij trok ik mezelf op gang. Na enkele honderden meters volgde de eerste
zandstrook. Door de haakse bochten ontstond er een chaos van jewelste. Terwijl de leiders soepel
door het zand reden, moest ik lopend enkele posities proberen te winnen. Dat leidde tot geroep
en getier, in elkaar gehaakte fietsen en vooral... heel veel tijdverlies. Na een kwartronde was de kop
van de koers al niet meer in beeld. Samen met mijn ploegmaats Al en Van Amerongen leidde ik de
de jacht op de veertiende plaats. We reden exact even snel als het groepje dat strijd leverde voor
de achtste plek. Dan is het wel triestig om te beseffen dat zo'n start je alle kansen op een mooie
ereplaats ontneemt. Toch maakten we er met onze mini-ploegentijdrit het beste van. In de laatste 2 ronden kon ik niet meer op de grote plateau schakelen zodat ik nog wat verloor en als zeventiende
strandde.
's Nachts hebben we de lange trip naar het Bretoense Lanarvily (Fra) gemaakt. Terwijl het thuis koud en
slecht weer was, konden wij 900 kilometer verderop toch genieten van een aangenaam zonnetje en ruime
positieve temperaturen. De omloop was zeer mooi en lastig dankzij het vele klimwerk. In de beginfase vormde
zich een kopgroep van een zevental renners. Pas toen Peeters halfweg wedstrijd demarreerde, viel de groep
uit elkaar. Terwijl Peeters Berden op sleeptouw nam, zonderde ik me af van de rest. Ik hield een tijdje gelijke
tred met de koplopers maar terugkeren was geen optie meer. Ik haspelde de resterende ronden solo af en bereikte de finish als derde achter winnaar Peeters en Berden. Ik was best tevreden met deze podiumplaats
aangezien ik door de ziekte niet over al mijn krachten beschikte. Volgend weekend rijd ik geen wedstrijd
omdat dan enkel de wereldkampioenschappen op de kalender staan. Goed trainen dus en duimen voor de
Belgen!
De voorbije dagen was ik ziek en daar ondervond ik vandaag nog altijd hinder van. De luchtwegen waren
niet vrij en ik had een slap gevoel in de benen. Na een valse start werden we even teruggefloten. Ik zat
nog niet terug op mijn fiets toen het tweede startsignaal weerklonk zodat ik achteraan het veld indraaide.
In de eerste ronden kon ik opschuiven naar een vijftiende positie. Wanneer Soetens me passeerde, beet
ik me vast in zijn spoor. Hij dichtte de kloof met het groepje voor de vijfde plaats, maar door een knieval
bij het lopen lukte ik daar net niet in. In de laatste ronde behield ik mijn positie en zo reed ik uiteindelijk als
tiende over de aankomst. Sven Nys won de wedstrijd met ruim verschil voor Dieter Vanthourenbout en Bart
Wellens. Ik had van deze wedstrijd wel meer verwacht, maar na de ziekteperikelen en gezien de toestand
waarin ik hier aan de start verscheen, kon ik natuurlijk ook geen wonderen verwachten.
Ondanks de stramme en pijnlijke spieren na de val van gisteren besloot ik toch naar Otegem af te zakken. Mijn verbazing
was groot wanneer ik zag dat in West-Vlaanderen nauwelijks sneeuw te bespeuren viel. Toch was de ondergrond nog hard
en zou het een snelle wedstrijd worden. Ik stak goed van wal en kon aanpikken in een ruime kopgroep waaruit Klaas Vantornout
zou wegsnellen naar de zege. Halfweg wedstrijd zouden ook Pauwels en Vanthourenhout afstand kunnen nemen. De rest van
het groepje werd ronde per ronde verder uitgedund zodat ik aan het einde enkel nog met Van Compernolle en kersvers Belgisch
kampioen Nys overbleef voor de vierde plek. Na een spurt wist ik me van die plaats te verzekeren. Dit verzacht toch wel wat
de lichamelijke pijn en de ontgoocheling van gisteren. Mijn volgende optreden is gepland voor Zonnebeke.
De weersomstandigheden zorgden ervoor dat we een zeer snelle en technische omloop voor de wielen kregen.
Ik ging niet al te best van start maar kon in de eerste sneeuwstroken toch enkele posities naar voor rijden. De vele
ijsplekken zorgden voor vele gevaarlijke passages. In de tweede ronde kwam ik op een van die stroken in het bos
zwaar ten val. Ik gleed onderuit en knalde met mijn gezicht op de harde grond. Ik verloor even het bewustzijn en
wist niet meer waar ik me bevond. Ik proefde enkel bloed in mijn mond terwijl mijn neus en lippen gevoelloos waren
door de slag. Uiteindelijk sprong ik toch op mijn fiets, maar door een verdraaid zadel ging dat niet van harte. Wanneer
ik in de materiaalpost een nieuwe fiets nam, reed ik in een verre positie en keek ik al op tegen een hopeloze achterstand.
Ik besloot dan maar de wedstrijd zonder risico's uit te rijden. Dat resulteerde in een vijftiende plaats en een enorme ontgoocheling.
Sint-Michielsgestel lag bedekt onder een wit sneeuwtapijt en de bochtige omloop lag er spiegelglad bij. Dat ondervond ik
al meteen na een halve ronde wanneer ik in het bos onderuit schoof. Net nu ik me in de start eens bij de eerste tien kon
plaatsen... Ik probeerde de schade terug te herstellen maar ging daarbij iets te fel over het ijs zodat mijn voorwiel begon
te schuiven en ik een tweede keer viel. Mijn heup smakte hard op mijn stuur zodat de sneeuw even zwart voor de ogen
werd. Nadien heb ik de wedstrijd verder uitgereden zonder risico's te nemen. Nu goed herstellen en dan rekenen op meer
geluk in Oostmalle!
De omloop op de Baalberg heeft mij in het verleden nog niet veel geluk gebracht en daar kwam ook dit jaar geen
verandering in. Bij de start ging Simunek enkele plaatsen voor mij tegen de vlakte zodat ik noodgedwongen moest
uitwijken en me vastreed in
de berm. Schmitz kopieerde mijn manoevre en reed in mijn fiets zodat ik als voorlaatste
de wedstrijd kon hervatten. Ik moest bovendien meteen de materiaalpost binnen om van een slepend achterwiel verlost
te geraken. Aanvankelijk kon ik vanuit de achtergrond goed oprukken zodat een plaats in de toptwintig nog mogelijk
werd. Enkele ronden voor het einde reed ik in zeventiende positie, maar dan begon ik teveel fouten te maken zodat ik
alsnog enkele plaatsen verloor en als twintigste eindigde.
Loenhout heeft er een patent op vrijwel de hele veldrittop aan de start te krijgen. Doordat ik totnogtoe
niet in aanmerking kwam voor de wereldbeker en de daaraan verbonden jackpot van uci-punten, moest ik
weer vanop de laatste rijen van start gaan. Dat lukte vandaag echter aardig zodat ik samen met Bart
Wellens in de derde ronde kwam aansluiten bij de grote groep. Tot ik na de materiaalpost kreeg af te rekenen
met een lekke voortube. In de bochten moest ik daardoor heel wat vaart minderen en zag zo de groep van
me wegrijden. Ik kwam helemaal alleen te zitten in de achtervolging en kon nadien niet meer terugkeren.
Uiteindelijk kwam ik uit op de twintigste plaats en sluit ik 2009 af met een valse noot. In 2010 nemen we
revanche, te beginnen in Baal.
Vanop de zesde rij zette ik aan terwijl de renners voor mij maar moeizaam op gang kwamen. Daardoor verzeilde
ik nog voor de eerste veldstroken helemaal achteraan. Eens in het veld gekomen moest ik vrijwel meteen beginnen
lopen omdat voor mij de ene valpartij na de andere zich voordeed. Na een halve ronde reed ik 33ste en begon ik
aan een inhaalrace. Die werd in de derde ronde abrupt onderbroken wanneer ik derailleurproblemen kreeg. Ik moest
nog een heel eind tot de materiaalpost en reed dan maar 'trotinetteke'. Toch verloor ik nog veel plaatsen en tijd.
Ik moest even herstellen van de extra inspanningen, maar begon nadien aan een sterke remonte. Ik voelde me goed
op de hellende stroken en looppassages en dook in de voorlaatste ronde op een lekke achtertube de toptwintig binnen. In de slotronde zette ik mijn opmars verder en werd uiteindelijk zeventiende. Spijtig van de rotstart en de materiaalpech want hier had meer ingezeten. Dinsdag probeer ik het opnieuw in Loenhout.
Een stevige zeebries maakte het zeer koud vandaag. De omloop lag er nog besneeuwd bij, maar was
toch lastig. Rond de tiende positie dook ik het veld in om aan te sluiten bij het achtervolgende groepje
op de leiderstandem Nys-Meeusen. Toen iemand voor me een gat moest laten, raakte ik een beetje
achterop. Het duurde tot twee ronden van het einde alvorens ik opnieuw kon komen aansluiten. Op de
weg wachtte ik niet af en demarreerde van achteren uit. De anderen lieten echter niet begaan. In de
slotronde vielen er nog enkele gaten en snelde ik in het zog van Peeters naar een zesde plaats. Mijn volgende wedstrijd wordt Diegem op zondag.
Het strand van Sint-Anna lag bedekt onder een wit sneeuwtapijt. Ook onder dat sneeuwtapijt: een granaat, opgegraven door een hond. Het zorgde ervoor dat de start met 45' werd uitgesteld en dat de wedstrijd met 15' werd ingekort.
Op de startstrook, die niet eens sneeuwvrij gemaakt werd, schoot ik slecht uit de startblokken. De eerste bochten leverden
een chaos van jewelste op zodat ik al snel in een verloren positie kwam te zitten. Ik probeerde zo goed mogelijk op te schuiven,
maar vond nooit echt mijn draai op de gladde omloop. Ik keerde terug tot een 22ste plaats, maar ging dan een aantal keer in de
fout zodat ik nog heel wat posities verloor en uiteindelijk als dertigste aankwam. Woensdag volgt Middelkerke.
Vanop de zesde startrij snelde ik naar de Tenotsberg. Ik probeerde zoveel mogelijk plaatsen op te schuiven en kwam rond de twintigste
positie aan de eerste materiaalpost voorbij. In het langgerekte peloton probeerde ik in de hellende stroken nog wat posities op te schuiven.
Na een valpartij van Vervecken moest ik even van de fiets en verloor zo het contact met de grote groep. Ik raakte in een groepje met
Vervecken, Bart Wellens en Scepaniak maar moest hen na een aantal slippertjes in de afdalingen laten rijden. In de laatste ronden verloor
ik nog enkele posities zodat ik uiteindelijk als achttiende eindigde. Een resultaat dat me niet echt tevreden stemde. Al paste het oude
parkoers ook wel beter bij mijn mogelijkheden. Daarom hoop ik dat bij de volgende editie de beklimming van de Tenotsberg opnieuw deel
zal uitmaken van de omloop. Vrijdag kan je me spotten op het strand van Sint-Anna in Antwerpen!
Ondanks de korte start en een slechte plaats bij de startopstelling kon ik de eerste hindernissen rond de vijftiende stelling aansnijden.
Ik zat meteen in het gewenste ritme en vond bij de beklimming van de 'Osmoberg' meteen de ideale lijn zodat ik al vroeg in de wedstrijd
in een gunstige positie kwam te zitten. In het gezelschap van Gerben De Knegt en Enrico Franzoi streed ik rondenlang voor een achtste
plaats. Op twee ronden van het einde nam ik zelf het initiatief terwijl De Knegt een gaatje moest laten. In de slotronde nam Franzoi nog wat afstand
zodat ik als negende over de finish bolde.
Door het slechte weer lag het parkoers er zwaar bij. Ik kende een goede start en raakte al in de eerste ronde met een
zevental renners voorop. Terwijl ik me wat afzijdig hield in de debatten, moesten er in de derde ronde enkele renners lossen. Uiteindelijk bleef ik na drie ronden wedstrijd enkel nog met Berden en Scepaniak over in de spits van de koers. Halfkoers achtte ik mijn moment gekomen zodat ik op de helling in het bos doortrok. Ik sloeg er een kloof en wist deze stilaan verder uit te bouwen. Ik hield stand tot op de meet en won solo mijn tweede wedstrijd van het seizoen. Volgende week volgt de dubbel Essen-Overijse.
Vanmorgen moest ik vroeg uit de veren om de trip naar Gieten, 320 kilometer noordelijker, te maken. Op het
lastige parkoers kende ik een goede start en passeerde de finish na een ronde in de groep met alle tenoren.
Na twee ronden kwamen we door met een vijftiental renners. Bij het inrijden van het veld raakte ik uit het goede
spoor en kwam ten val met Van Amerongen. Daarbij kreeg ik mijn pedaal in mijn kuit en verloor ik heel wat terrein.
Ik zakte terug tot de dertigste plaats. Nadien kwam ik nog enkele plaatsen terug naar voor, maar het goede
ritme zou ik nooit meer vinden. Ik eindigde ontgoocheld als 22e. Nu was ik eens met de goede groep vertrokken...
Over een valse start gesproken... Ik schoot uit mijn pedaal en trok vervolgens in alle hevigheid ook mijn andere voet los. Nog voor we de eerste veldstroken indoken, keek ik al op tegen een achterstand van 20m op de voorlaatste renner. Dit was zowat het worst case scenario aangezien de omloop er razendsnel bijlag. Toch maakte ik in de eerste ronde al heel wat goed en raakte ik in een groepje. Het peloton was inmiddels al gescheurd en aan deze snelheden was een terugkeer naar de kop onmogelijk. Toch wist ik me goed te handhaven in de groep. Halfweg wedstrijd zakte mijn zadel onderuit zodat ik even terugviel, maar na een fietswissel kon ik mijn positie snel terug innemen. In de slotronde volgde een lange uitgerekte sprint waarin ik me uiteindelijk als derde van het groepje kon plaatsen. Dat leverde me een zeventiende plaats op. Zonde van de start...
Vanop de voorlaatste rij ging ik van start. In de beginfase wist ik me goed naar voor te werken. Samen met Rob Peeters kon ik de aansluiting vinden bij de eerste achtervolgende groep. Doordat ik me in de laatste zanderige passage een aantal keer vast reed en vervolgens op de weg het gat opnieuw moest dichten, kon ik nooit opschuiven in het rijtje. Bij het ingaan van de slotronde kreeg ik het gaatje niet meer volledig gedicht en eindigde op een mooie elfde plaats.
Asper-Gavere staat bekend om zijn lastige omloop en dat was dit jaar niet anders. Ik ging vrij goed van start, maar voelde me ook vandaag
niet opperbest. Halverwege de wedstrijd verzeilde ik in een groepje met Verstraeten, Page en Dlask. In de afdaling moest ik steeds wat terrein
prijsgeven, maar dat maakte ik weer goed tijdens de beklimming. Tot ik kreeg af te rekenen met een lekke voortube. Ik verloor de anderen uit
het oog en vervolledigde de wedstrijd alleen. Ik eindigde als 22e en was niet tevreden. Ik heb dus wat recht te zetten in de wedstrijden van
volgend weekend: Hasselt en Hamme-Zogge.
De wedstrijd in Dottenijs werd op een andere locatie georganiseerd dan de voorbije jaren. Het parkoers lag rond enkele voetbalvelden en
telde zeer veel bochten. Ik ging niet goed van start en raakte de eerste ronden niet in mijn ritme. In de achtervolging kwam ik al vrij snel
alleen te zitten in het gevecht tegen de forse wind. Ik hield gelijke tred met een groepje voor de zevende plaats maar kon uiteindelijk nooit
de aansluiting vinden. Na een uur waaide ik als twaalfde over de meet.
De modder en lange loopstroken hadden plaats geruimd voor een snelle omloop. Niel leek wel onherkenbaar. De officials aan de start hadden mij blijkbaar ook niet herkend. Ik stond niet op hun blad zodat ik als laatste renner naar de start moest. Na een halve ronde kwam ik in veertigste stelling door. Samen met Denuwelaere en Walsleben knokte ik me terug naar voor zodat we op drie ronden van het einde kwamen aansluiten bij een groep voor de zevende plaats. In de laatste ronde werd ik tot tweemaal toe gehinderd door een vallende Mourey. Daardoor verloor ik in extremis de aansluiting met de groep. In een sprint met Dlask trok ik het laken en de zestiende plaats naar me toe. Ik houd gemengde gevoelens over aan deze wedstrijd. Enerzijds ben ik tevreden omdat het goed ging en ik vanuit geslagen positie kon terugkomen, anderzijds heerst er ontgoocheling over de start en de akkefietjes in de slotronde die me enkele plaatsen hebben gekost.
Op naar Dottenijs en Asper!
Tijdens de verkenning lag het parkoers er snel bij. Maar toen de eerste regendruppels net voor de start
hun weg naar Hoogstraten vonden, zou het parkoers al snel omgetoverd worden in een glibberige en
lastige omloop. In de start kon ik meteen wat opschuiven. Na twee ronden reed ik de materiaalpost binnen
op zoek naar tubes met het rhinoprofiel. Die boodschap hadden de mecaniciens niet begrepen
zodat ze me opnieuw op pad stuurden met de gewone tubes. In het zog van Nys hoopte ik terug naar voor
te kunnen rijden, maar bij het indraaien van het veld dook plots Zlamalik uit het niets voor me op. Ontwijken
was onmogelijk zodat ik frontaal op hem botste, viel en Nys zag vertrekken. Ik moest opnieuw de materiaalpost
binnen om eindelijk tubes met het gewenste profiel te vinden. Intussen was ik echter al heel wat teruggeslagen.
Het goede gevoel was ook wat verdwenen zodat ik vaker in de fout ging dan me lief was. Uiteindelijk spurtte
ik nog voor de achttiende plaats maar die verloor ik. Ik eindigde negentiende. Ontgoocheld...
In tegenstelling tot de voorgaande edities van deze veldritklassieker was de zon van de partij. Het zorgde ervoor dat het parkoers er sneller bij lag, maar daarom nog niet minder lastig. Ik kende een rampzalige start en draaide als derde laatste de weide in. Tijdens de eerste beklimming schoof ik heel wat plaatsen op, maar die verloor ik opnieuw in de afdaling toen Christian Heule voor me viel en me meesleurde in zijn val. Vanuit een verloren positie begon ik aan een lange achtervolging. Ronde per ronde wist ik renners bij te halen. Op een tweetal ronden van het einde kwam ik aansluiten bij een grote groep die streed voor de tiende plaats. Terwijl ze in de afdaling telkens van me wegreden, kon ik in de beklimming terug komen aansluiten. Uiteindelijk zou ik als vijftiende over de finish rijden. Ik kwam van ver terug en ben best tevreden met dit resultaat. Maar wat mits een betere start en zonder die val in de eerste ronde...?
Voor het eerst dit seizoen kon ik een goede start nemen en als derde het veld indraaien. Bij de eerste passage aan de balken nam ik de leiding en sloeg meteen een kleine kloof. Het leek me nog wat te vroeg om alleen door te gaan zodat ik nog even beschutting zocht in een select groepje. In de derde ronde versnelde ik opnieuw ter hoogte van de balken. En met succes. Ik nam een kleine voorsprong die ik in de resterende zeven ronden beetje bij beetje verder uitbouwde. Met een halve minuut voorsprong op Eising en Soetens ging ik de slotronde in. Door een valpartij op een halve ronde van het einde kwam het duo nog opzetten, maar uiteindelijk hield ik genoeg over om in de laatste rechte lijn uitgebreid te kunnen genieten van mijn eerste profzege. Dit smaakt naar meer...
Ik miste mijn start en draaide achteraan het pak de weide in. Na een tweetal ronden wist ik terug te komen tot de tiende positie op een vijftiental seconden van de ruime kopgroep. Rondenlang bleef het verschil status quo, maar uiteindelijk zou ik nooit de aansluiting kunnen maken. Mede doordat Jim Aernouts en Lubomir Petrus me geen steun boden in het achtervolgingswerk. Ook toen Page en Berden snel naderden bleven ze in de lange aankomststrook windop passief in mijn wiel zitten. Daardoor wisten Page en Berden in de slotronde langszij te komen. In de sprint moest ik nipt de duimen leggen voor Berden zodat ik als elfde over de meet kwam.
Voor het eerst dit seizoen stonden er twee wedstrijden in een weekend op het programma. Na het zware labeur van gisteren, volgde vandaag een snelle wedstrijd. Na een slechte start moest ik opnieuw een uur lang achtervolgen. Gedurende de hele wedstrijd reed ik in het gezelschap van Thijs Van Amerongen. We losten elkaar netjes af en daardoor konden we heel wat plaatsen goedmaken. In de slotronde had ik nog uitzicht op een stek bij de beste twintig, maar na een lang gerekte spurt zou ik uiteindelijk als 22e over de meet bollen.
Dit was afzien! Het parkoers in Namen kende met zijn stevige klimpartijen en spectaculaire afdalingen geen genade. Van bij de start raakte ik niet in mijn ritme. Ik kon enkele posities opschuiven, maar na een lekke voortube brak de veer. Uiteindelijk hield de citadel me gedurende 1u14’ in zijn greep. Uitgeput haalde ik de eindstreep als 23e. Het gevoel was allesbehalve goed en dus ben ik ook niet tevreden.
Het parkoers lag er supersnel bij. Ik startte rond de twintigste positie maar kon al snel enkele renners remonteren. Vooraan vormde zich een ruime kopgroep waaruit Bart Aernouts in de derde ronde zou wegrijden om acht ronden lang te soleren naar winst. Ik kon nooit echt aansluiting maken bij de groep en bleef rondenlang op dezelfde afstand achtervolgen. Pas in de voorlaatste ronde, wanneer het groepje uit elkaar spatte, kwam ik aansluiten. In de laatste ronde reageerde ik op een uitval van Radomir Simunek zodat we met z’n tweeën zouden vechten voor de zesde en zevende stek. In de voorlaatste bocht kwam Simunek binnendoor en schoof op die manier onderuit. Er was geen ontkomen aan zodat ik erover viel. Naast enkele posities sneuvelde ook mijn fiets (barst in bovenbuis) in deze val. Ik eindigde uiteindelijk nog tiende. Hoewel het gevoel in de benen al beter was, overheerste toch vooral de ontgoocheling om een mooie ereplaats en de materiaalpech.
Op een technisch veeleisend parkoers raakte ik niet al te best uit de startblokken. Bovendien was passeren in het bos haast onmogelijk omwille van de vele bochten, trappen en zandheuvels. Ik kwam al snel alleen te zitten in de achtervolging, maar behield het uitzicht op een groepje dat streed voor de twaalfde plek. Stelselmatig sloop ik dichterbij, maar uiteindelijk zou ik de sprong niet meer kunnen maken. Ik werd als zestiende afgevlagd, op ruime achterstand op Niels Albert. Het liep niet echt lekker en ik maakte ook teveel stuurfouten.
De openingscross van het seizoen schotelde ons al meteen een stevige klus voor. Op een parkoers met een opeenvolging van korte, steile klimmetjes startte ik rond de twintigste positie. Ik nestelde me in een groepje en leek stilaan op te schuiven naar voren. Tot in de derde ronde mijn achtertube van de velg liep. Het gebeurde niet al te ver van de materiaalpost, maar het brak wel volledig mijn ritme. Bovendien zakte ik heel wat plaatsen terug zodat ik aan een lange achtervolging moest beginnen. Die lukte aardig zodat ik opnieuw een stek bij de top vijftien in zicht kreeg. In de voorlaatste ronde viel ik echter bij de balken zodat ik mijn positie behield en als zestiende finishte. Het crossritme en gevoel zit er duidelijk nog niet in.